Dat nekt me

Fotobron: Orthocor.nl
Fotobron: Orthocor.nl

ONDER de ruige groene zeeden, die op het gezellige terras tussen zijn scherpe groene naalden door een zacht zomerbriesje toeliet, zat een oudere man te smullen van zijn ‘blaadje klein geluk’. Die zomerse ochtend had Rolf het kleine terras geveegd en in gereedheid gebracht voor ongetwijfeld weer een hele mooie dag. Het terras was weliswaar niet het perfecte zonneterras, maar had iets veel mooiers. Het was, samen met het restaurant, een pleisterplaats voor mensen die hongerig waren naar ‘goed, gezellig en gastvrij genieten.’ Het in alles te herkennen en te proeven credo van Rolf.

Na een loodzware revalidatieperiode van bijna twee jaar was Rolf langzaam maar zeker teruggekomen tot een onwaarschijnlijk hoog fysiek niveau. Een level waarop hij weer kon presteren. Nagenoeg alles wat hij links in zijn lichaam had kunnen breken was gebroken. Maar hij wilde coûte que coûte weer deelnemen aan het arbeidsproces en ‘zelfvoorzienend’ zijn. Het in 2006 geopende restaurant bood hem daarvoor de uitgelezen kans. Hij gebruikte de vrije ochtenden om in het dagelijks ritme te komen en om vervolgens twee momenten per dag te ‘knallen’. Tijdens de lunch en het diner. Zo ook op deze prachtige zomermiddag in 2007. De oudere man had plaats genomen en ‘nietsvermoedend’ een cappuccino bij Rolf besteld. Daarbij gaf hij aan geen lunch te willen gebruiken.
Elke gast is een gast op zich en een cappuccino net zo belangrijk als, een rode tournedos met een traditionele jus de veau, of een in roomboter gebakken zeetong Picasso, dacht hij bij zichzelf.
Daarin maakte de altijd goed gemutste restaurateur geen enkel onderscheid.
‘Kijk eens aan meneer, een cappuccino.’
En hij posteerde het rijkelijk aangeklede koffieblaadje sierlijk op tafel. De man moest minimaal gedacht hebben dat hij de Sjah van Perzië was die in zijn bedoeïenentent, in de verlatenheid van een zinderend warme woestijn, juist daarvoor zijn handen had gewassen in rijkelijk met ijs gekoeld water. Nu serveerde één van zijn talrijke bedienden hem, in een zee van rijkgekleurde kussens en fleurig geurende bloemen, een cappuccino van Segafredo bonen. Althans, dat gevoel probeerde de restaurateur hem te geven door het koffieblaadje met de grootst mogelijke zorg samen te stellen, de cappuccino met liefde te maken en het te posteren in plaats van neer te zetten.
‘Maar mijn lieve hemel. Dat ziet er uit als een klein feestje, mijn beste kerel,’ sprak de man verbaasd.
‘Waar heb ik dat aan te danken?’
‘Aan het feit dat u besloot om hier aan te leggen. Geniet ervan, meneer,’ en beende doelbewust weg.
Elke gast heeft zijn eigen hoeveelheid aandacht nodig, maar genieten doen ze alleen en in rust. Daar hebben ze mij niet voor nodig.
Vanuit het restaurant kon hij het hele terras overzien en op het moment van behoefte inspringen. Nadat de man zijn cappuccino uit had gedronken, zich tegoed had gedaan aan alle verwennerijtjes wenkte hij de late veertiger.
‘Mijn vrouw mag voortaan elke keer bij die grote kledingwinkel in deze straat gaan winkelen,’ had de man met een grote smile op zijn gezicht gezegd.
‘Dat vind ik mooi om te horen. Zo fijn als mensen op uw leeftijd nog van elkaar genieten en elkaar zulke dingen gunnen. Het is ook een prachtige winkel hoor. Vele prijzen gewonnen. Héél groot, maar met de service van een kleine winkel. Een ‘echte parel’ voor het dorp.’

Rolf bleef met zijn opmerking bewust ver, van hetgeen de man eigenlijk wilde zeggen. Uit respect voor de eerlijke en open houding van de man, maar even zo goed om zo dadelijk vol te incasseren.
‘Maar dan alleen als ik hier bij jou de wachttijd mag doorbrengen. Ik heb een hekel aan die drukte en deze koffie is zo lekker. Zo’n feest, maar vooral de sfeer is hier zo goed. Ik geniet echt van elke seconde van mijn verblijf.’
‘Dank u wel meneer, ik ontvang graag geld voor mijn diensten. Dat zal ik nooit ontkennen, maar uw mooie woorden raken mij veel meer,’ zei hij met een hoorbare emotionele kras op zijn stem.
’Jij bent zeker de trotse eigenaar van dit moois?’
‘Ja dat klopt, de trotse eigenaar van dit alles. Maar waarom denk u dat, als ik zo onbescheiden mag zijn?’
‘Als jij een werknemer was geweest, had jij je wel ziek gemeld. Welk normaal denkend mens gaat er vandaag de dag nog werken als hij van pure ellende een nekkraag moet dragen?’
Rolf moest een klein beetje lachen om de uitspraak van de man, maar kon zijn bewoordingen in geen enkel opzicht tegenspreken. Die week had hij, zijn vijf jaar daarvoor beschadigde nek verdraaid en kon niet anders dan werken met een stabiliserende, haast korset-achtige, band.
‘U heeft gelijk, dat lijf ‘nekt’ me regelmatig, maar opmerkingen als die van u maken het leven meer dan dragelijk. Soms is het leven van een kleine zelfstandige even niet anders. Dat zijn de ‘charmes’ van het vak zullen we maar zeggen, maar ik bedank u hartelijk voor het verkapte compliment. Mag ik u nog een cappuccino aanbieden?’
‘Alléén als je er één meedrinkt?’ eiste de man … ‘
Als ik u dan straks mag bedanken voor uw bezoek?’
‘Met alle mogelijke vormen van genoegen …’

© Rolf van der Leest

Advertenties

One thought on “Dat nekt me

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s